Ziekte van Lyme bij honden, katten: symptomen, behandeling, preventie

Door DaniëlleC
Dinsdag 05 Augustus 2014

Niet alleen mensen kunnen de ziekte van Lyme krijgen, maar ook huisdieren. De ziekte van lyme is afkomstig van de teek, teken kunnen namelijk besmet zijn met de lymebacterie. De teek brengt de ziekte over als de teek bloed zuigt. Als de teek binnen 48 uur na aanhechten wordt verwijderd is de kans klein dat een geïnfecteerde teek de bacterie heeft overgedragen.

Over het algemeen zijn er meer honden die de ziekte bij zich dragen dan als katten, maar beide zijn ze er gevoelig voor. Hoe ouder het dier des te meer kans er is dat het dier de ziekte krijgt. Dieren met een slecht afweersysteem zijn ook gevoeliger voor de ziekte.

Symptomen bij huisdieren
– Sloomheid en koorts
– Een rode, zich uitbreidende, plek rond de teek. Vaak is een rode plek moeilijk te zien door de vacht.
– Het dier kan gewrichtsklachten krijgen, waarbij de gewrichten stijf en pijnlijk zijn.
– Gezwollen lymfeklieren
– Bloedarmoede als gevolg van het bloedzuigen, dit gebeurd alleen bij een grote hoeveelheid teken op het dier.
– In ernstige gevallen kan het dier last krijgen van een ontsteking van de nieren, ontsteking van de hartspier of kan het dier last krijgen van zenuwafwijkingen. Vaak komen deze klachten later.

De verschijnselen van lyme zijn vaak algemeen, het is daarom ook raadzaam om bij twijfel contact op te nemen met de dierenarts.

Behandeling
Een hond of kat met lyme wordt behandeld met antibiotica. Meestal wordt er gebruik gemaakt van Doxycycline. De behandelingsduur is ongeveer 2 tot 3 weken. Hoe eerder het dier wordt behandeld hoe beter het dier genezen kan worden. Wanneer een dier vrij laat wordt behandeld dan kunnen er chronische klachten zoals kreupelheden of nierschade overblijven. Niet altijd verdwijnt de ziekte geheel uit het lichaam, het dier blijft dan een drager. Deze dieren kunnen dan weer klachten krijgen als de weerstand daalt.

Voorkomen
Controleer het huisdier regelmatig op teken en verwijder de teken direct. Ontloop tijdens het wandelen de plekken waar teken veel voorkomen, zoals hoog gras en struiken. Gebruik tekenwerende middelen die de teek doden.